![]() |
||||
|
NIEUWSBRIEF ARBEIDS- & ORGANISATIEPSYCHOLOGIE |
||||
|
Voorwaarden voor succesvolle reïntegratie van hogeropgeleide vrouwen Door Joost van der Gulden en Petra Verdonk Uit de voordrachten en de workshopdiscussies die tijdens de expertmeeting zijn gehouden komt het volgende beeld naar voren: hoogopgeleide vrouwen lopen het risico vast te lopen in hun werk doordat ze zichzelf hoge eisen opleggen, deels uit ambitie, deels uit onzekerheid. Hun werkomgeving is niet geneigd hen daarin af te remmen. De arbeidsomstandigheden van hoogopgeleide mannen en vrouwen verschillen niet veel, maar zijn voor vrouwen op verschillende punten net iets ongunstiger. Ook in de groep hoogopgeleiden hebben vrouwen in het algemeen meer zorgtaken dan mannen. Dit kan bijdragen aan overbelasting. Wanneer een hoogopgeleide vrouw uitvalt, begrijpt men op haar werk vaak niet goed waarom een collega die altijd goed presteerde (en nooit klaagde) het nu niet meer aan kan. De vrouw zelf beleeft haar ziekmelding vooral als een persoonlijk falen: ze voelt zich niet sterk of niet competent genoeg. De manier waarop vrouwen hun klachten en problematiek presenteren en de wijze waarop bedrijfsartsen en anderen hen begeleiden, draagt ertoe bij dat er vooral aandacht is voor individuele, psychische problematiek. Wat schematisch geformuleerd: vrouwen willen eerst uitzoeken 'wat er nu met mij is misgegaan' en krijgen daar ook de ruimte voor. Mannen hebben meer oog voor knelpunten in hun werk. Ze zijn bereid weer aan de slag te gaan, wanneer er bijvoorbeeld iets aan hun takenpakket verandert. Door deze verschillen in beleven en benoemen is er voor vrouwen een groter risico op langdurig verzuim en een verlies van contact met de werkomgeving. De kans op blijvende uitval uit het arbeidsproces neemt vervolgens toe met iedere maand waarop zij langer thuis zijn. Zowel in de periode van verzuim als bij reïntegratie vanuit de WAO kiezen veel vrouwen een vorm van coaching en begeleiding die gericht is op persoonlijke groei, sterker worden, stilstaan bij het waarom. Zij ervaren hierin begrip en erkenning. Het bezwaar van de begeleidingstrajecten waaraan vrouwen de voorkeur geven, is echter dat er vaak pas laat aandacht is voor terugkeer naar het werk en het signaleren en aanpakken van knelpunten in de arbeidsomgeving. In de periode van thuis zijn komt er meer ruimte voor kinderwens en moederschap. Wanneer de vrouw dan meer zorg en huishoudelijke taken op zich neemt, komt de verdeling van zorgtaken tussen haar en haar partner (nog) schever te liggen. Het later weer moeten bijstellen van de taakverdeling thuis kan een extra drempel vormen bij werkhervatting. Zowel in de verzuimbegeleiding als in aanvullende coaching moet daarom veel meer gestimuleerd worden dat vrouwen al snel weer voorzichtig hervatten, zodat er een band blijft met het werk. De Wet verbetering poortwachter stimuleert een dergelijke aanpak. Tijdens deze conferentie is geen aandacht besteed aan de vraag hoe feitelijk gewerkt wordt in de dagelijkse praktijk van de arbeidsreïntegratie. Of al voldoende rekening wordt gehouden met genoemde knelpunten en aanbevelingen is dus onbekend. Een vervolgbijeenkomst gericht op best practices, waarin de vraag centraal staat wat bruikbare methoden en werkvormen zijn om hoog opgeleide vrouwen beter te begeleiden, wordt daarom zeer aanbevolen. Daarnaast is het van belang de resultaten van de werkconferentie breder te verspreiden. Een terugkoppeling naar het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vond inmiddels reeds plaats. Het volledige verslag van deze conferentie is kosteloos op te vragen via een e-mail aan j.vandergulden@umcn.nl. Vermeld bij een aanvraag uw naam en volledig postadres, dan wordt het verslag u toegestuurd.
|
||||
| [AenO-items] [AenOsept2005] [AenOjuni2005] [AenOapril2005] [AenOsept2004] [AenOjuni2004] [AenOapril2004] [AenOfeb2004] [AenOnov2003] [AenOsept2003] [AenOjuni2003] [Colofon] [Kalender] [Boeken] |